‘We kunnen omwonenden helpen om tot een goed voorstel te komen’
Jan Bijen is ondernemer, emeritus hoogleraar en oud-wethouder van de gemeente Beek. Hoewel hij al heel wat jaren met pensioen is, is Jan nauw betrokken bij de Beekse gemeenschap. Zo is hij ook bij het Omgevingsfonds MAA terechtgekomen, waar hij als voorzitter van de raad van advies zijn kennis en ervaring voor omwonenden inzet.
Jan, wat breng je als voorzitter mee naar het fonds?
“Veel bestuurlijke ervaring, maar ook veel kennis van hoe je, in grote lijnen, dingen neer moet zetten. Bij het fonds gaat het niet om voor of tegen de luchthaven, maar om de vraag: hoe zetten we dat geld zo goed mogelijk in voor de mensen die last hebben van de nadelen? Daarbij geldt hetzelfde als in de politiek: de kwaliteit van de mensen is veel belangrijker dan hun politieke kleur. Bij het fonds is kennis van het gebied en de uitdagingen die spelen belangrijker dan je standpunt ten opzichte van de luchthaven.”
Kun je vertellen wat je hiervoor hebt gedaan?
“Ik was directeur en mede-eigenaar van SGS Intron, een adviesbureau en testinstituut voor bouwgerelateerde zaken. Later ben ik hoogleraar geworden aan de faculteit Civiele Techniek van de Technische Universiteit Delft. Daar hield ik me bezig met duurzaam bouwen en materiaalkunde - ik ben vooral in dat laatste deskundige.
Na de verkoop van mijn bedrijf ben ik uiteindelijk wethouder geworden in de gemeente Beek. Dat heb ik 8 jaar lang gedaan. Nu ben ik nog bij allerlei projecten betrokken, zoals de Beekse Energie Coöperatie.”
"Bij het fonds gaat het niet om voor of tegen de luchthaven, maar om de vraag: hoe zetten we dat geld zo goed mogelijk in voor de mensen die last hebben van de nadelen?"
Hoe ben je bij het fonds terechtgekomen?
“Mijn vrouw was nauw betrokken bij Coöperatie Burgerinitiatief Genhout: een initiatief met meer dan 350 leden in een dorp van 1.200 inwoners. Toen zij ziek werd - ze is een paar jaar geleden overleden - heb ik haar werk voor het Gemeenschapshuis Genhout overgenomen. Daar leerde ik Frans (Keulen, coördinator van de regeling Leefbaarheid, red.) kennen, die vanuit Burgerkracht meeschreef aan de visie en plannen.
In mijn tijd als wethouder had ik Hub Meijers (voorzitter van de raad van toezicht, red.) beter leren kennen. Omdat ik de Beekse situatie goed ken, vroeg Hub me of ik vervangend kwartiermaker wilde zijn toen hij gezondheidsproblemen kreeg. Uiteindelijk is die rol beperkt gebleven, maar zo kwam ik wel bij het fonds terecht. Gezien mijn achtergrond hebben we besloten dat het goed zou zijn om zitting te nemen in de raad van advies.”
Welke rol zie je voor de raad van advies weggelegd?
“In de eerste plaats het beoordelen van projecten. Daarnaast kunnen we omwonenden helpen om tot een goed voorstel komen. En ik zie een rol voor ons weggelegd in de advisering en ondersteuning van de directeur en de coördinatoren van de verschillende regelingen.”
Welke uitdagingen liggen er voor jullie?
“Bij dit soort initiatieven zijn draagvlak en duidelijkheid ontzettend belangrijk. Dat laatste geldt vooral voor de voorfase. Je wilt voorkomen dat mensen teleurgesteld raken omdat ze te hoge verwachtingen hebben. Wees duidelijk: wat kan wel en wat niet? Wie kunnen wel subsidie krijgen en wie niet?
Dat is een uitdaging, zeker omdat veel omwonenden al deels teleurgesteld zijn. Bovendien zijn sommige programmaonderdelen nog in ontwikkeling. Er lopen pilots voor Isolatie en Vortex. We hebben gezegd dat we dat eerst goed gaan onderzoeken. Zodat we als fonds de verwachtingen die we wekken, straks ook kunnen waarmaken.”
"Genhout is een voorbeeld van een gemeenschap die goed met elkaar samenwerkt. Het zou mooi zijn als dat rond de luchthaven ook lukt, zodat de omgeving voor omwonenden prettiger wordt."
En draagvlak? Kun je dat uitleggen?
“Bij ingrepen in de omgeving is het belangrijk dat er draagvlak is, vooral bij de mensen die er mogelijk last van krijgen. Genhout is een voorbeeld van een gemeenschap die goed met elkaar samenwerkt. Het zou mooi zijn als dat rond de luchthaven ook lukt, zodat de omgeving voor omwonenden prettiger wordt.
Toen ik wethouder was, moesten bijvoorbeeld de Mauritslaan en de Maastrichterlaan (de vroegere Rijksweg) door Beek worden gerenoveerd. Vlak daarvoor was dat in Sittard-Geleen ook gebeurd, met veel problemen en weerstand. We besloten om bewoners in Beek uit te nodigen om mee te ontwerpen. Natuurlijk binnen bepaalde kaders, maar met veel vrijheid. Dat duurt aan de voorkant langer, maar als het eenmaal loopt, gaat zo’n proces veel soepeler.
Uiteindelijk kwam er een plan waar omwonenden tevreden mee waren. Dat is een mooi voorbeeld van hoe je zo’n project vanuit zelfsturing kunt aanpakken. Als omwonenden niet alleen meedenken, maar echt zelf het proces bedenken, gaan ze er ook voor om het tot een succes te maken.”
Wanneer is het fonds in jouw ogen geslaagd?
“Als na ons werk een groot deel van de mensen in de regio vindt dat de leefbaarheid erop vooruit is gegaan. Dat het prettiger is geworden in hun dorp. Bijvoorbeeld omdat er minder polarisatie en meer gemeenschapszin is gekomen. Of omdat zaken zijn opgeknapt, of nieuwe initiatieven zijn genomen. Als mensen zeggen: ‘Het is fijner om hier te wonen dan voorheen.’
Zoiets kun je moeilijk meten. Maar je voelt het wel, als je door een dorp loopt. Het gaat erom dat bewoners samen dingen doen. Soms is dat lastig. Veel mensen vinden het moeilijk om iemands standpunt ten aanzien van de luchthaven van andere zaken te scheiden. Maar als je praktisch kijkt, kun je samen veel bereiken.”
Portretfoto: Wendy Boon Fotografie
Sta je op een van de foto's en wil je liever niet dat we die gebruiken? Stuur ons dan een bericht.